GAAN WE OP JACHT NAAR CHAVEZ KINDEREN?

Beroepsvereniging NVVB waarschuwt gemeenteambtenaren alert te zijn op schijnerkenningen. Dat is het erkennen van een kind – al dan niet tegen betaling – met het doel een verblijfsvergunning te krijgen voor een van de ­ouders.

Dat gebeurt mogelijk enkele tientallen keren per jaar, schat strategisch adviseur Ronald Zijlstra van de NVVB, de beroepsvereniging van ambtenaren van burgerzaken. ‘We waren al langer alert op schijnhuwelijken, maar we zeggen nu tegen onze leden: hou hier je ogen voor open. Het is mogelijk geworden om via de erkenning van een kind een verblijfsvergunning te krijgen. Dan ligt misbruik op de loer.’

Het Europees Hof kwam in 2017 met een baanbrekend arrest, waarin werd bepaald dat een kind met de Nederlandse nationaliteit het recht heeft hier op te groeien met beide ouders, ook als een van hen van buiten de EU komt. In die specifieke zaak ging het om een ongedocumenteerde moeder uit Venezuela, die een kind had met een Nederlandse vader met wie zij geen relatie had. Zij dreigde te worden uitgezet, maar het Europees Hof stak daar wegens het belang van haar kind een stokje voor.

Deze jurisprudentie opende de weg voor vele vreemdelingen om een zogenoemd ‘afgeleid verblijfsrecht’ aan te vragen op basis van de Nederlandse nationaliteit van hun kind. Als bijvoorbeeld een Albanese vrouw zonder verblijfspapieren haar kind laat erkennen door een Nederlandse man, krijgt het kind de Nederlandse nationaliteit en heeft de moeder recht op een verblijfsvergunning. Omgekeerd kan een Nederlandse moeder op die manier via een erkenning een vader uit een land buiten de EU aan verblijfspapieren helpen. Voor een erkenning is geen biologische band tussen vader en kind vereist.

Wantrouwen

Sinds 2017 is het aantal aanvragen voor zo’n afgeleide verblijfsvergunning explosief gestegen tot ongeveer driehonderd per maand, blijkt uit cijfers van de immigratiedienst IND. ‘In veruit de meeste gevallen zullen dat legitieme aanvragen zijn’, zegt Zijlstra. ‘Maar we zien ook casussen van leden die vermoeden dat de verblijfsvergunning de enige motivatie is om een kind te erkennen. Zo’n erkenning mag worden geweigerd, maar dan moet je die verdenking wel aannemelijk kunnen maken.’

Aanwijzingen zijn volgens Zijlstra bijvoorbeeld dat een vader en moeder niet samenwonen, bepaalde gegevens van elkaar niet kennen of dat ze elkaars taal niet spreken. Inmiddels is er een Multidisciplinair Team Schijnerkenning actief – een samenwerking tussen politie, justitie, de IND en de NVVB – dat poogt ambtenaren alert te maken op dit fenomeen.

Advocaat Else Weijsenfeld heeft de indruk dat de overheid hierin ‘een beetje doorslaat’. Ze stond een stel bij dat ten onrechte werd beschuldigd van het doen van een schijnerkenning. ‘De vrees voor schijnerkenningen is vooralsnog niet op feiten gebaseerd, uit de rechtspraak blijkt niet dat dit veel voorkomt. Maar ambtenaren gaan nu soms een uur in gesprek over een erkenning. Als buitenlandse ouders bij voorbaat gewantrouwd worden, is dat erg onprettig, dat lijkt mij niet de bedoeling.’

Strafbaar

Hoe vaak schijnerkenningen voorkomen is niet bekend, omdat zaken erg moeilijk te herkennen en te bewijzen zijn. ‘Toch vragen we hier aandacht voor, omdat deze route ook gebruikt kan worden door mensenhandelaren die buitenlandse vrouwen naar Nederland willen halen om hen bijvoorbeeld in de prostitutie te werk te stellen’, zegt Zijlstra.

In België is het aanvragen van een schijnerkenning vorig jaar strafbaar gesteld, na een aantal geruchtmakende zaken rondom ‘verblijfsbaby’s’. In één geval had een Belgische man zeventien kinderen erkend van zestien verschillende vrouwen, die op die manier allemaal een verblijfsvergunning konden aanvragen. De NVVB vreest dat de aanscherping van de regelgeving in België kan leiden tot een toename van het aantal schijnerkenningen in ­Nederland.

In de strijd tegen schijnhuwelijken is het voor trouwende stellen van wie een van de twee van buiten de EU komt verplicht een verklaring te tekenen dat een verblijfsvergunning niet de enige motivatie is voor het huwelijk. Hoewel die controle allesbehalve waterdicht is, adviseert de NVVB gemeenten een soortgelijke verklaring nu ook te laten tekenen bij de erkenning van een kind. Als later toch sprake blijkt van een schijnerkenning, kan het OM ouders eventueel vervolgen voor valsheid in geschrifte.

Bron: NVVB/Volkskrant

Tijdelijke verblijfsvergunning voor jongeren met kinderbeschermingsmaatregel per 1 oktober 2019.

De meest voorkomende kinderbeschermingsmaatregel is de ondertoezichtstelling (OTS). Indien er ernstige en bedreigende problemen zijn in het gezin en de vrijwillige hulp heeft geen effect, dan kan  de rechter op verzoek van de RvdK (Raad voor de Kinderbescherming)  een kind onder toezicht stellen. Zo’n ingrijpende maatregel wordt niet zomaar genomen. Dat gebeurt alleen als de rechter vindt dat het noodzakelijk is dat de minderjarige en het gezin verplicht hulp krijgt. Er wordt dan een jeugdbeschermer aangewezen.

Wat regelt dit nieuwe beleidskader?

Het beleidskader regelt in welke situaties een (tijdelijke) verblijfsvergunning kan worden verleend aan een minderjarige vreemdeling waarvoor een kinderbeschermingsmaatregel is uitgesproken. Het gaat dus over buitenlandse kinderen die problemen thuis hebben en geen verblijfsvergunning hebben,

De verblijfsvergunning die dan gegeven kan worden heet: ‘tijdelijke humanitaire gronden’. Of de minderjarige vreemdeling in aanmerking komt voor een verblijfsvergunning wordt onder andere bepaald door de zwaarte, de duur en de overdraagbaarheid van de opgelegde kinderbeschermingsmaatregel.

Een jongere kan dus in aanmerking komen voor verblijf als:

  1. er een ondertoezichtstelling is uitgesproken die is opgelegd voor ten minste een jaar en
  2. de OTS niet kan worden overgedragen aan een ander land, meestal het land van herkomst. Als de OTS wel kan worden overgedragen aan een ander land, dan komt het kind niet in aanmerking voor een verblijfsvergunning, omdat er dan vanuit gegaan wordt dat de OTS ook in dat land uitgevoerd kan worden.
  3. Bij verlenging van de OTS kan de verblijfsvergunning worden verlengd of verleend als de OTS nog steeds niet kan worden overgedragen. 
  4. Als de rechter het gezag van de ouder over het kind heeft beëindigd, kan ook een verblijfsvergunning volgen voor het kind.

 

Bron: bericht van de IND, aangepast, verkort en hopelijk iets duidelijker.

 

NIEUW: PILOT VERBLIJFSREGELING VOOR ESSENTIEEL PERSONEEL VAN STARTUPS.

” Voor wie is de regeling bedoeld?
De regeling is bedoeld voor jonge, innovatieve bedrijven voor wie het niet
kunnen inzetten van beschikbaar talent van buiten de EU een belemmering
vormt voor verdere groei.

Zowel Nederlandse start ups als buitenlandse start ups die zich in Nederland vestigen kunnen gebruik maken van de regeling”.

Bron: Brief van de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid dd. 01-07-2019. De brief is langer van stof natuurlijk, maar het bovenstaande is een korte, maar goede samenvatting van deze nieuwe verblijfsregeling.

 

 

 

MOEILIJKE STUFF…….

 

Brief van de Staatssecretaris van J. en V. van vandaag, 30 juli 2019.

 

 

Nadat de discretionaire bevoegdheid op 1 mei jl. is afgeschaft, is het alleen nog mogelijk om verblijfsvergunningen in het kader van tijdelijke en niet-tijdelijke humanitaire gronden te verlenen op basis van artikel 3.48, tweede lid, aanhef en onder b, van het Vreemdelingenbesluit 2000, c.q. artikel 3.51, derde lid, van het  Vreemdelingenbesluit 2000 aan categorieën vreemdelingen die specifiek zijn aangewezen in het Voorschrift Vreemdelingen 2000.

Met deze brief informeer ik u dat ik besloten heb om twee nieuwe categorieën vreemdelingen aan te wijzen.

De eerste categorie betreft vreemdelingen die in aanmerking komen voor het zogenoemde getuigenbeschermingsprogramma.

Het komt sporadisch voor dat de medewerking van een getuige, bij opsporing of vervolging van strafbare feiten, ten aanzien van die persoon aanleiding geeft of zal geven tot een dreiging. In uitzonderlijke gevallen is die dreiging zo ernstig en staat deze in zodanig direct verband met de verleende medewerking aan politie of justitie, dat er voor de overheid een zorgplicht ontstaat de betrokken persoon voor de duur van de dreiging te beschermen. Een dergelijke zorgplicht ontstaat ook als de bevoegde autoriteiten van een ander land of een internationaal gerecht de bevoegde autoriteiten in Nederland verzoekt om beschermingsmaatregelen te treffen of voort te zetten ten aanzien van een door die autoriteit aangewezen persoon.

Met het aanwijzen van beschermde getuigen als één van de categorieën in het Voorschrift Vreemdelingen 2000 die in aanmerking kunnen komen voor een verblijfsvergunning op humanitaire gronden en het opnemen van een daartoe strekkend beleidskader in de Vreemdelingencirculaire 2000 wordt door de overheid voldaan aan een zorgplicht om deze vreemdelingen gedurende een dreiging te beschermen.

De tweede categorie betreft kinderen ten aanzien van wie de Kinderrechter een kinderbeschermingsmaatregel heeft opgelegd.

Het gaat hier om situaties waar problematiek binnen een gezin er, na een melding bij Veilig Thuis en onderzoek door de Raad voor de Kinderbescherming, toe leidt dat de Kinderrechter een kinderbeschermingsmaatregel oplegt ten behoeve van het wegnemen van een ontwikkelingsbedreiging bij het kind. Een dergelijke kinderbeschermingsmaatregel is een ultimum remedium dat niet lichtvaardig wordt toegepast. Het betreft kinderen die onderdeel zijn van een gezin dat geen aanspraak kan maken op verblijf in Nederland. In dat geval wordt bezien of de kinderbeschermingsmaatregel formeel kan worden overgedragen aan het land van herkomst of aan een Dublin-partner of een ander land binnen de EU waar het kind bescherming geniet, op grond van het interstatelijk vertrouwensbeginsel.

Indien de kinderbeschermingsmaatregel formeel niet overdraagbaar is, moet de kinderbeschermingsmaatregel in Nederland ten uitvoer worden gelegd. In het verleden werd verblijf beoordeeld onder de noemer van schrijnendheid. Nu dit niet meer kan is een beleidskader aangewezen.

In dit beleidskader staat de terugkeer van het gezin in kwestie voorop. Alleen in die gevallen dat de kinderbeschermingsmaatregel formeel niet overdraagbaar is en is opgelegd voor ten minste een jaar, wordt verblijf toegestaan. Eindigt de kinderbeschermingsmaatregel dan komt de grond voor verblijf te vervallen. In dat geval is de ernstige ontwikkelingsbedreiging bij het kind opgeheven en kan het kind weer in de gezinssituatie verblijven zonder gedwongen hulpverlening en kan het ook in gezinsverband terugkeren.

Het verblijfsrecht blijft in stand in het geval de Kinderrechter het noodzakelijk acht de kinderbeschermingsmaatregel te verlengen omdat de ontwikkelingsdreiging niet is opgeheven. Ook in het geval het gezag van de ouders op verzoek van de Raad voor de Kinderbescherming door de rechter wordt beëindigd, krijgt het kind een verblijfsvergunning.

Is een maatregel formeel wel overdraagbaar dan is verblijf niet aangewezen. In het geval echter dat de Kinderrechter de maatregel verlengt en het feitelijk niet mogelijk is gebleken gedurende de looptijd van de maatregel vertrek te realiseren, wordt bij een aaneengesloten maatregel na een periode van anderhalf jaar alsnog beoordeeld of verblijf kan worden verleend.

Ik ben voornemens dit beleidskader te monitoren en na drie jaar te laten evalueren.

De Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid,

Ankie Broekers-Knol

 

EXPATS & STUDENTEN UIT INDIA: EEN IETSJE MEER.

Het CBS meldt ons:

In de periode 2012-2017 is de instroom van immigranten uit India meer dan verdubbeld tot ruim 8 600 per jaar.

Het grootste gedeelte van de immigranten die in de periode 2012-2017 naar Nederland kwam, is kennismigrant (44 procent) of gezinsmigrant (37 procent). Drie kwart van de Indiase kennismigranten is werkzaam in de IT- en informatiedienstverlening.

Alhoewel het aandeel studiemigranten uit India een stuk lager is (14 procent), komen er wel steeds meer naar Nederland. In 2012 kwamen er 425 studiemigranten naar Nederland, in 2017 waren dat er 1 400.

 

Nieuwe kliniek op Curaçao voor onverzekerde Venezolaanse vluchtelingen

Venezolaanse migranten zonder verblijfspapieren en vluchtelingen op Curaçao kunnen sinds deze week voor medische zorg terecht in een nieuwe kliniek in Willemstad. Daar krijgen ze gratis huisartsenzorg, prenatale zorg, kraamzorg, anticonceptie, en zorg voor hiv en diabetes aangeboden.

 

Zowel de Venezolaanse migranten als de vluchtelingen verblijven illegaal op het eiland, want Curaçao kent geen asielwetgeving en voert een agressief ontmoedigingsbeleid. Minister van Volksgezondheid, Suzy Römer, zegt dat dat is afgesproken binnen het koninkrijk.

Geschat wordt dat tussen de tien- en vijfentwintigduizend Venezolanen illegaal op het eiland verblijven. Dat is tien procent van de totale bevolking van Curaçao. De meesten leven ondergronds, bang om ontdekt, opgepakt en uitgezet te worden.

Een groep van tweehonderd Venezolanen heeft inmiddels een asielstatus gekregen van de Vluchtelingenorganisatie van de Verenigde Naties, UNHCR. Maar die wordt door Curaçao niet erkent. De groep wordt nu wel gedoogd, maar mag net als al hun andere landgenoten niet werken of zich verzekeren tegen ziektekosten.

 

De toegang tot zorg wordt bemoeilijkt doordat het grootste ziekenhuis van Curaçao Venezolanen en andere onverzekerden weigert te behandelen. Medisch directeur, dr. Franke Scheper zegt dat het armlastige ziekenhuis geen geld heeft, net als de overheid, en zich noodgedwongen moet richten op mensen die hun zorg wel kunnen betalen.

“Een lastig dilemma, want als arts wil je mensen helpen”, zegt Scheper. Hij verzekert dat acute gevallen altijd worden geholpen, maar erkent dat het ziekenhuis patiënten net zo lang tegenhoudt tot ze vanzelf acuut worden.

De nieuwe kliniek is opgezet door de Nederlandse arts, Elisa Janszen, die zelf werkt in het eerder genoemde grote ziekenhuis. “Voor mij en veel van mijn collega’s is het onacceptabel dat mensen de toegang tot zorg wordt ontzegd. Basale zorg is een recht van mensen.”

Janszen heeft een lokale stichting opgericht, ‘Salú pa Tur’ (gezondheid voor allen) dat financieel gesteund wordt door onder andere UNHCR en de stichting Vluchteling in Nederland.’

Ze hoopt met zorgaanbieders afspraken te kunnen maken om ook in de tweede lijn ‘gratis’ zorg aan te kunnen bieden. “Mijn eigen ziekenhuis heeft daar nog niet op gereageerd, maar de bedoeling is dat de rekening daarvoor gewoon betaald gaat worden vanuit de stichting. Nu krijgt het ziekenhuis in ieder geval niets.”

Minister Römer heeft met haar collega van Justitie afgesproken, dat de vreemdelingendienst de Venezolaanse patiënten met rust zal laten.

Bron: NOS, 14-7-2019