Venezolaanse paspoorten – vervolg.

Enige tijd geleden heeft er een overleg plaatsgevonden tussen het Ministerie van Buitenlandse Zaken en de Venezolaanse ambassade in Den Haag. De problemen met de afgifte van Venezolaanse paspoorten en verlenging van de Venezolaanse paspoorten worden onderkend door de Venezolaanse ambassade en er is op korte termijn GEEN oplossing.

Tijdelijke verlenging van verlopen paspoorten of paspoorten die binnen zes maanden verlopen

Op 8 oktober 2017 heeft de regering van Venezuela een decreet uitgevaardigd waarmee verlopen Venezolaanse paspoorten, of paspoorten die binnen zes maanden vervallen, met twee jaren kunnen worden verlengd. De verlenging van de geldigheidsduur bestaat uit een sticker die in het paspoort is geplaatst met daarop de foto van de houder en de vermelding van de persoonsgegevens. De sticker is voorzien van beveiligingskenmerken. De verlenging van de geldigheidsduur door middel van een sticker is alleen van toepassing op biometrische paspoorten. Het paspoort moet verder in goede staat verkeren en moet minimaal twee blanco vellen of vier blanco pagina’s bevatten.

Om een verlenging van de geldigheid aan te vragen, moet de houder een aanvraag indienen via de SAIME-website (www.saime.gob.ve). Het online aanvraagformulier moet worden ingevuld, de leges moeten worden betaald en het ontvangstbewijs moet worden afgedrukt.

Om verlenging van de geldigheid van het paspoort via het consulaat te kunnen verkrijgen, moeten aanvragers vervolgens bij het consulaat de volgende documenten overleggen:

– Het origineel en een kopie van het paspoort;

– Het origineel en een kopie van de nationale identiteitskaart;

– Het bewijs van inschrijving bij het consulaat.

Aanvragers onder de 18 jaar moeten daarnaast door beide ouders worden begeleid.

Als een van de ouders niet aanwezig is, moet de begeleidende ouder een machtiging van de afwezige ouder overleggen. Deze machtiging moet afgegeven zijn door de Raad voor de bescherming van kinderen en adolescenten (Consejo de Protección del Niño, Niña y Adolescente) in Venezuela, of voorzien zijn van een legalisatie (Apostille) als de ouder zich buiten Venezuela bevindt. Bovendien moeten minderjarige aanvragers die ouder zijn dan 9 jaar, ook het origineel van zijn of haar nationale identiteitskaart overleggen.

Hieronder wordt uiteengezet hoe het paspoortvereiste, gezien de hiervoor beschreven omstandigheden, in Venezolaanse zaken moet worden toegepast.

Hoe te handelen

Afname biometrische gegevens en ophalen verblijfsdocument

Venezolaanse onderdanen die niet meer beschikken over een geldig nationaal paspoort en evenmin beschikken over een geldig verblijfsdocument, kunnen zich voor het ophalen van een verblijfspas of afname biometrische gegevens bij het IND loket legitimeren met hun verlopen paspoort en een kopie van de (verlengings)aanvraag van hun paspoort.

Verlengingsaanvragen en aanvragen wijziging beperking

Bij verlengingsaanvragen en aanvragen wijziging beperking kan het paspoortvereiste tijdelijk niet worden tegengeworpen wanneer voldaan wordt aan alle volgende omstandigheden:

– Het verlopen paspoort is overgelegd;

– Een kopie van de (verlengings)aanvraag van zijn/haar paspoort is overgelegd;

– Hij/zij aan alle overige voorwaarden voor de verblijfsvergunning voldoet.

In de beschikking/ aanbiedingsbrief van de inwilliging moet worden opgenomen dat aan betrokkene tijdelijk het paspoortvereiste niet wordt tegengeworpen, maar dat bij de eerstvolgende aanvraag om verlenging van de vergunning (of wijziging van een beperking) een geldig nationaal paspoort wordt verlangd.

Eerste aanvragen om een verblijfsvergunning

Bij eerste aanvragen geldt het paspoortvereiste onverminderd.

Bron: Informatiebericht IND,

Dit bericht is geldig tot 23 april 2023.

Ik heb dit bericht iets korter gemaakt. De arcering is door mij aangebracht en de lay-out ietsje leesbaarder gemaakt (Peter Ploeger, 26-10-2022)

Minister Van Gennip ondertekent Europese brief over effectieve aanpak schijnzelfstandigheid bij platformwerk

Nieuwsbericht | 18-10-2022 | 11:21

Iedereen op de arbeidsmarkt moet op een eerlijke, goede en veilige manier kunnen werken. Dat is niet altijd het geval. Zeker rondom platformwerk komt ‘schijnzelfstandigheid’ vaker voor. Daarbij wordt een werknemer als zzp’er aangemerkt, terwijl hij in feite werknemer is. Daardoor loopt diegene sociale bescherming mis. In het kader van onderhandelingen over een Europese richtlijn om dit tegen te gaan, wil Nederland zich hard maken voor regels die platformwerkers gaan helpen. Daarom heeft minister Van Gennip – samen met 7 andere lidstaten – een brief ondertekend om aan te dringen op Europese regels om schijnzelfstandigheid bij platformwerk tegen te gaan.

Platformbedrijven (zoals maaltijdbezorgers, aanbieders van taxiritten of verhuurders van thuishulp) werken vaak met zzp’ers. Dit kan voor werkenden een bewuste keuze zijn en meer meerwaarde bieden voor zowel de werkende als het platform. Tegelijkertijd komt het voor dat het werk op een dusdanige manier is georganiseerd dat er van werken als zelfstandig ondernemer bij het platform geen sprake is.

Bron: Rijksoverheid.

De overgangsregeling voor Oekraïense vluchtelingen op de arbeidsmarkt loopt af op 31 oktober. Per 1 november mogen ze alleen nog werken als ze in het bezit zijn van een sticker of O-document die is afgegeven door de IND, waarmee een vluchteling kan aantonen dat hij valt onder de Richtlijn Tijdelijke Bescherming.

Vanaf 1 april 2022 geldt er een vrijstelling voor de tewerkstellingsvergunning (twv) voor werkgevers die vluchtelingen uit Oekraïne in loondienst willen nemen. Voor vluchtelingen uit Oekraïne gold een overgangsperiode. In deze periode kregen zij de kans om de juiste documenten op te halen bij de IND, die hun status als tijdelijk ontheemd bevestigt. Die status geeft hen bijvoorbeeld het recht om te mogen werken in Nederland.

Op dit moment kunnen Oekraïners, of mensen die rechtmatig in Oekraïne verbleven tijdens het uitbreken van de oorlog, bij de IND een sticker of O-document aanvragen in hun paspoort. Deze sticker of O-document is het bewijs dat zij hier verblijf hebben op grond van de Richtlijn Tijdelijke Bescherming en daarmee toegang hebben tot onder andere de arbeidsmarkt.

De EU heeft op 4 maart 2022 die richtlijn geactiveerd en deze houdt in dat mensen die het conflict in Oekraïne ontvluchten, bescherming krijgen in de lidstaten van de Europese Unie. Ook krijgen ze daarmee toegang tot medische zorg, onderwijs en de arbeidsmarkt.

Bron: AIV 20-10-2022

SCHULD BIJ DE OVERHEID? DAN GEEN PASPOORT?

De antwoorden op de schriftelijke vragen van de leden Westerveld en Van der Lee (beiden GroenLinks), mede namens de minister van Buitenlandse Zaken en de staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, over het bericht ‘Studieschuld niet afbetaald? Dan geen paspoort. ‘Ik begrijp niet waarom Duo dit doet’’ met kenmerk 2022Z16930, ingezonden op 14 september 2022.
Vraag 1
Bent u bekend met het krantenbericht ‘Studieschuld niet afbetaald? Dan geen
paspoort. ‘Ik begrijp niet waarom Duo dit doet’’ 1)
Antwoord 1
Ja.
Vraag 2
Hoe worden oud-studenten met een studieschuld gewezen op de verplichting om een adreswijziging door te geven aan DUO?
Antwoord 2
In algemene zin worden oud-studenten er op gewezen dat het van belang is dat
hun gegevens op orde zijn. Dat geldt uiteraard niet alleen voor DUO, maar ook
voor hun gegevens bij andere overheidsdiensten. In contacten met studenten
wordt ook specifiek benoemd dat wanneer oud-studenten naar het buitenland
verhuizen, zij dit zelf moeten doorgeven. Van deze studenten krijgt DUO in
tegenstelling tot de in Nederland wonende oud-studenten namelijk geen
adresmutaties door van de Basisregistratie personen. Ook op de website en in
MijnDUO worden oud-studenten geattendeerd op de noodzaak van een recent adres en op eventuele ontbrekende gegevens. Op het moment dat van een oud-
student geen adres bekend is, maar wel een e-mailadres, dan kan de correspondentie digitaal voortgezet worden. In deze digitale correspondentie
wordt ook gewezen op het doorgeven van het nieuwe adres.
Vraag 3
Hoe worden oud-studenten geïnformeerd over de mogelijkheid om een schuld op te schorten?
Antwoord 3
Oud-studenten worden jaarlijks geïnformeerd over hun studieschuld. In die brief wordt ook verwezen naar de mogelijkheden om niet of minder terug te betalen op het moment dat zij het termijnbedrag niet kunnen betalen. Daarnaast is er ook veel informatie te vinden op de website van DUO.
Vraag 4
Welke mogelijkheden ziet u om oud-studenten beter te informeren over hun
rechten en plichten als het gaat om hun studieschuld en eventuele
betalingsregelingen?
Antwoord 4
Studenten worden reeds breed geïnformeerd over hun rechten en plichten en de
mogelijkheden voor een betalingsregeling. Dat gebeurt zowel in persoonlijke
communicatie met de student door DUO als via meer algemene
communicatiemiddelen, zoals de website en sociale media.

Vraag 5
Kunt u in gesprek gaan met DUO om de hardheden in de aanpak van
betalingsregelingen weg te nemen?
Antwoord 5
Zoals u in het antwoord op vraag 8 kunt lezen gaat DUO in veel gevallen akkoord
met een betalingsregeling. Daarnaast werkt DUO met het zogenoemde
Persoonsgericht Innen (PGI). Daarmee wordt uitdrukkelijk naar de persoon
gekeken en de mogelijkheden die hij heeft om terug te betalen. Waar mogelijk
wordt ook proactief contact opgenomen met debiteuren, als er bijvoorbeeld een
betaling is gemist.
Als we hardheden – of knellende wetgeving – constateren wordt daar in
gezamenlijkheid tussen DUO en het ministerie van OCW over gesproken. Ik hechter echter aan om ook te benoemen dat er ruimte moet zijn voor een passende aanpak voor debiteuren die wel kunnen betalen, maar dat niet doen.
Vraag 6
Hoe vaak wordt de hardheidsclausule van de Wet studiefinanciering 2000
2) gebruikt om een oplossing voor de oud-student te vinden?
Antwoord 6
DUO verleent regelmatig maatwerk aan studenten en oud-studenten. Dat kan op basis van de hardheidsclausule, maar DUO kan ook binnen de bestaande wet- en regelgeving tot een maatwerkoplossing komen. Het gaat dan bijvoorbeeld om een betalingsregeling op maat of het verlengen van de duur waarop een student recht heeft op studiefinanciering. DUO registreert niet hoe vaak een maatwerkoplossing getroffen wordt of de hardheidsclausule wordt toegepast.
Vraag 7
Kunt u aangeven hoe vaak het voorkomt dat oud-studenten een
betalingsachterstand hebben, omdat ze verzuimd hebben een inkomen op te
geven, maar die waarschijnlijk niets hadden hoeven af te lossen vanwege een
ontoereikend inkomen?
Antwoord 7
DUO is in het buitenland afhankelijk van de debiteur voor de verstrekking van
actuele contact- en inkomensgegevens. Indien deze niet worden verstrekt is het
voor DUO niet mogelijk om in contact te komen met deze debiteuren over hun
veelal opgelopen betalingsachterstand. Ook is het dan niet mogelijk om vast te
stellen of het inkomen van de debiteur (en eventuele partner) zodanig is dat de
draagkracht lager is dan de wettelijke annuïtaire aflossingstermijn.
Indien het contact met de debiteur wordt hersteld met behulp van de
paspoortsignalering gaat DUO met deze persoon in gesprek over een oplossing.
Bij het oplossen van betalingsachterstanden kijkt DUO in eerste instantie vooral
naar de toekomst; wat kunnen we nu doen om een betalingsachterstand op te
lossen en wat is de huidige inkomens- en vermogenspositie van de debiteur en
een eventuele partner? Op basis daarvan maakt DUO afspraken over een
betalingsregeling.

Uiteraard worden debiteuren op het moment dat het contact is hersteld ook
gewezen op de mogelijkheid om een draagkrachtberekening aan te vragen, maar bijvoorbeeld ook op de aflosvrije maanden die voor iedere debiteur beschikbaar zijn. Op die manier wordt voor de toekomst voorkomen dat zij een
betalingsachterstand op lopen.
Vraag 8
In hoeveel procent van de gevallen gaat DUO akkoord met het voorstel van de
oud-student voor een betalingsregeling?
Antwoord 8
Indien de debiteur zelf een voorstel doet voor een regeling waarmee de
betalingsachterstand binnen uiterlijk 24 maanden is ingelopen, gaat DUO vrijwel altijd akkoord. Indien het voorstel van de debiteur een regeling voor een langere termijn betekent, toetst DUO het voorstel aan de huidige financiële situatie van de debiteur. Als het voorstel in overeenstemming is met die financiële situatie, dan gaat DUO altijd akkoord. Indien dit niet het geval is en de debiteur dus sneller zou moeten kunnen aflossen, dan gaat DUO verder in gesprek met de debiteur. Dat kan ook leiden tot een aangepaste afspraak.
Vraag 9
Hoe kijkt u aan tegen het feit dat Nederlandse ambassades meewerken aan het
laten blokkeren van de verlenging van een paspoortaanvraag door DUO?
Antwoord 9
Het ministerie van Buitenlandse Zaken (BZ) behandelt aanvragen voor
paspoorten van Nederlanders die in het buitenland verblijven. BZ gaat bij iedere
aanvraag voor een paspoort na of de aanvrager voorkomt in het register
paspoortsignaleringen (RPS). Dit kan aan de orde zijn indien de aanvrager bij
DUO een studieschuld heeft. Op grond van artikel 22 van de Paspoortwet kan
DUO bij het ministerie van BZK een verzoek tot opname in het RPS doen. Opname in het RPS kan weigering van een paspoort tot gevolg hebben. Een verzoek tot opname in het RPS kan worden ingediend door DUO als er sprake is van het niet nakomen van een betalingsverplichting en als daarbij ook het gegronde vermoeden bestaat dat de persoon zich door verblijf in het buitenland aan de betalingsverplichting zal onttrekken. Artikel 22 Paspoortwet biedt de rechtsbasis om op deze grond een paspoort te kunnen weigeren.
Wanneer een gesignaleerd persoon een nieuw paspoort aanvraagt wordt hij van
de signalering op de hoogte gesteld. De gesignaleerde persoon krijgt dan de
mogelijkheid om in gesprek te gaan met DUO. In veel gevallen maakt DUO
betalingsafspraken met de paspoortaanvrager en kan een paspoort alsnog worden verstrekt (soms voor de duur van korter dan 10 jaar, de exacte duur wordt door DUO bepaald conform artikel 22 van de Paspoortwet). Wordt een paspoort toch geweigerd, dan kan de aanvrager bezwaar maken tegen deze beslissing. Voor de goede orde zij vermeld dat een Nederlandse Identiteitskaart niet geweigerd kan worden. Daarnaast kan BZ, indien urgentie en reisdoel is vastgesteld, zo nodig een laissez-passer verstrekken voor terugkeer naar Nederland.
Vraag 10
Acht u dit wenselijk?

Antwoord 10
BZ volgt de vigerende wetgeving en voert het proces conform wetgeving uit. De
wetgever heeft deze bepaling vastgesteld omdat invordering van de schulden in
het buitenland problematischer is dan in het Koninkrijk.1
Inzake het doel en de achtergrond hiervan verwijs ik tevens naar mijn antwoord
onder vraag 12.
Vraag 11
Bent u zich bewust van de schrijnende situaties die dit op kan leveren?
Antwoord 11
Ik ben mij bewust dat het weigeren van een paspoort grote impact kan hebben.
Dat is dan ook de reden dat DUO het instrument van paspoortsignalering
hoofdzakelijk gebruikt om het contact te herstellen met de oud-student. Op het
moment dat dat contact er is heeft DUO tot op heden nog nooit de uitgifte van
een paspoort aangehouden.
Daarbij wil ik ook benadrukken dat DUO paspoortsignalering als laatste middel
inzet en daar niet lichtzinnig mee omgaat. Naast dat er voorwaarden zijn waaraan moet zijn voldaan – zoals de termijn dat er geen contact is en de hoogte van de betalingsachterstand – zal DUO ook altijd eerst op allerlei andere manieren proberen om contact te krijgen met de debiteur.
Vraag 12
Vindt u dat het wel of niet verkrijgen van een paspoortverlenging in principe een drukmiddel mag zijn als het gaat om het betalen van een (studie)schuld?
Antwoord 12
Het is wettelijk bepaald dat deze mogelijkheid bestaat. Deze mogelijkheid is
opgenomen in de Paspoortwet om te voorkomen dat een persoon die zich wil
onttrekken aan het wettelijke systeem van invordering van publiekrechtelijke
schulden, dit kan doen. Het beschermen van de staatsfinanciën wanneer personen zich willen onttrekken aan het wettelijke systeem van invordering van
publiekrechtelijke schulden wordt gezien als een wezenlijk staatsbelang. Wel zij
hierbij opgemerkt dat onthouden van reisdocumenten op grond van artikel 22
Paspoortwet slechts als uiterste middel zal mogen dienen. Dit kan pas wanneer er geen andere mogelijkheden zijn om betrokkene tot nakoming van zijn
verplichtingen te dwingen en deze zich door verblijf in het buitenland daaraan
dreigt te onttrekken.
De staatssecretaris van BZK zal niettemin nagaan in hoeverre het systeem van
paspoortsignaleringen nog bij de huidige maatschappelijke context past en of dit eventueel aanpassing behoeft. Hierbij worden de verschillende
signaleringsgronden en de hoogte van schulden geëvalueerd. Ook wordt gekeken naar de duur van de maatregel.
Vraag 13

1 Kamerstukken 1987/88, 20393, nr. 3, p. 41-44.9

Zijn er naast DUO ook afspraken met andere overheidsorganisaties waarbij het
hebben van een schuld een reden kan zijn om geen paspoort te verlengen in het
buitenland?
Antwoord 13
Ja.
Vraag 14
Zo ja, kunt u aangeven om welke organisaties dit precies gaat?
Antwoord 14
Artikel 22 Paspoortwet regelt de signalering van personen voor het weigeren of
vervallen verklaren van een paspoort naar aanleiding van het niet nakomen van
een publiekrechtelijke schuld (zoals belastingen, ten onrechte genoten uitkeringen of het terugbetalen van studiefinanciering) of het niet voldoen aan wettelijke onderhoudsverplichtingen of onderhoudsverplichtingen die door de rechter zijn opgelegd. Op grond van de Paspoortwet kan weigering of vervallenverklaring bij het niet nakomen van een betalingsverplichting gebeuren op verzoek van het college van burgemeester en wethouders, het college van Gedeputeerde Staten of door het bestuurscollege dan wel een ander tot invordering bevoegd orgaan van een rechtspersoon die krachtens publiekrecht is ingesteld, dat het aangaat. In de praktijk betekent dit dat DUO, het Landelijk Bureau Inning Onderhoudsbijdragen (LBIO), de Belastingdienst en (gemeentelijke) sociale diensten een verzoek tot weigering of inhouding van een paspoort kunnen doen als er sprake is van het niet nakomen van een betalingsverplichting en als daarbij ook het gegronde vermoeden bestaat dat de persoon zich door verblijf in het buitenland aan de betalingsverplichting zal onttrekken.
1) Trouw , 30 augustus 2022, ‘Studieschuld niet afbetaald? Dan geen paspoort. ‘Ik begrijp niet waarom DUO dit doet’, https://www.trouw.nl/binnenland/studieschuld-niet-afbetaald-dan-geen-
paspoort-ik-begrijp-niet-waarom-duo-dit-
doet~b8299c82/?
2) Zie artikel 11.5 Wet studiefinanciering 2000

Informatiebericht SUA Openbaar

Van IND / SUA

Nummer & Titel IB 2022/90 uitwerking maatregel huisvesting bij nareis

Geldig vanaf 03-10-2022

Geldig tot en met 03-04-2023

1. Aanleiding

Op 26 augustus 2022 heeft het Kabinet een nieuwe maatregel ingesteld voor

nareizigers. Dit is uitgelegd in een Kamerbrief.

2. Inhoud/Toelichting

In dit IB staat de implementatie van deze maatregel uitgelegd. Deze maatregel

geldt voor alle aanvragen voor gezinshereniging van houders van een

verblijfsvergunning asiel. Dus voor nareis, 8 EVRM en regulier.

3. Verwachting

Deze maatregel wordt in de zomer van 2023 geëvalueerd. Dit IB wordt in december 2022 aangepast als delen van het proces geautomatiseerd worden.

4. Hoe te handelen

In de Kamerbrief wordt uitgelegd dat er een nieuwe werkwijze komt waarbij pas een mvv wordt afgegeven als de referent geschikte huisvesting heeft. “In de praktijk zal dit betekenen dat de termijn tussen het moment van de nareisaanvraag en het moment van visumverstrekking maximaal 15 maanden zal zijn.” De mvv-afgifte termijn zoals bedoeld in artikel 2r Vw wordt gebruikt als periode waarin wordt gezocht naar geschikte huisvesting. Nadat de IND heeft beslist op de nareisaanvraag, moeten de nareizigers wachten tot:

 – ofwel de 15 maanden zijn verstreken;

– de zes maanden termijn van 2r Vw/mvv-afgifte termijn is verstreken; of

– indien er geschikte huisvesting is.

Pas hierna kunnen de gezinsleden zich wenden tot de diplomatieke post voor afgifte van de mvv door Buitenlandse Zaken (hierna BZ).

Het proces ziet er als volgt uit:

1. IND beoordeelt of nareiziger in aanmerking komt voor een inwilliging. IND stuurt vervolgens een kennisgeving met daarin dat referent geen geschikte huisvesting heeft en dat de gezinsleden niet direct de mvv mogen ophalen.

2. Bij geschikte huisvesting in termijn:

a. De referent verkrijgt een bewijs dat de woning geschikt is.

b. De referent stuurt het formulier geschikte huisvesting en bewijs van naar de IND.

c. IND stuurt brief aan referent dat gezinsleden mvv mogen ophalen

d. IND geeft sein aan BZ dat gezinsleden mvv mogen ophalen door

verzenden .xml-bestand.

e. De gezinsleden doorlopen de nareisprocedure in Zevenaar.

3. Bij geen geschikte huisvesting:

a. IND stuurt brief na 6 of 15 maanden dat gezinsleden mvv mogen

ophalen.

b. IND stuurt .xml na 6 of 15 maanden naar NL-vertegenwoordiging dat termijn is verlopen en mvv mag worden afgegeven.

c. De gezinsleden doorlopen de nareisprocedure in Ter Apel.

Hoe controleer je of de referent geschikte huisvesting heeft?

De keten werkt aan een geautomatiseerd traject.1 Tot die tijd geldt deze werkwijze:

– De keten gaat er vanuit dat de referent geen geschikte huisvesting heeft bij inwilliging.

– Zodra er geschikte woonruimte heeft gevonden voor het gezin, vult de referent het formulier geschikte huisvesting in, en stuurt dit samen met een bewijs van geschikte huisvesting naar de IND.

– Het formulier geschikte huisvesting is te vinden op ind.nl (link invoegen).

Hoe kom je er tijdens de termijn achter of de referent inmiddels geschikte huisvesting heeft?

– Zodra er geschikte woonruimte heeft gevonden voor het gezin, vult de referent het formulier geschikte huisvesting in, en stuurt dit samen met een bewijs van geschikte huisvesting naar de IND.

Informeer BZ hierover door de .xml te sturen. Informeer de gezinsleden door een brief te sturen naar de referent.

Wat als de termijn is verstreken?

Indien de termijn van 6 of 15 maanden is verstreken, stuurt de IND de .xml naar BZ, informeert de IND gezinsleden door een brief te sturen naar de referent dat zij de mvv kunnen ophalen.

Wat als de totale beslistermijn + maatregeltermijn niet 15 maanden is?

– Indien de IND sneller beslist dan 9 maanden, geef je de maximale maatregeltermijn van zes maanden. Deze termijnen worden allebei niet verlengd.

– Indien de IND langzamer beslist dan 9 maanden, maar sneller dan 15 maanden, pas je de maatregeltermijn aan tot je op 15 maanden uitkomt. De maatregeltermijn is dan bijvoorbeeld 4 maanden en 3 dagen.

– Indien de IND langzamer beslist dan 15 maanden, hoeven de gezinsleden niet te wachten. De gezinsleden kunnen direct hun mvv ophalen bij de ambassade.

Wat komt er in de beschikking?

Zet in de beschikking altijd de datum waarop de maatregeltermijn definitief ten einde is. Dat is de juridische startdatum + 15 maanden (tenzij de IND eerder dan 9 maanden beslist). Verwijs ook naar het formulier geschikte huisvesting

Wat als er vragen/klachten komen?

1 COA, VNG en IND hopen in december het TVS-systeem te hebben aangepast. Dit IB zal dan ook worden gewijzigd.

Pagina 3 van 3

De IND streeft ernaar zo transparant mogelijk te zijn. Er kan altijd worden verwezen naar de Kamerbrieven en IND.nl. Op http://www.ind.nl komt speciale informatie over maatregel te staan.

Wat als er bezwaar wordt gemaakt?

De doorlooptijden zijn bij nareis vrij lang. Hierdoor is het aannemelijk dat zodra het bezwaar inhoudelijk wordt behandeld, de 15 maanden vanaf datum van de aanvraag reeds voorbij zijn. De gezinsleden hebben hun mvv dan al kunnen ophalen, en hebben daarom geen procesbelang meer. Indien de zaak wel binnen 15 maanden wordt behandeld, geldt de gewone werkwijze bij bezwaar en eventueel beroep.

Geldt deze maatregel ook in huidige bezwaarzaken?

Ja, echter bij bezwaar zit er tussen het indienen van de eerste aanvraag en het inwilligen van de bezwaarzaak, vrijwel altijd meer dan 15 maanden, dus is de maatregel niet van toepassing. De maatregel geldt wel ook herhaalde aanvragen.

Hoe zit het met reguliere zaken?

De maatregel geldt voor alle zaken waarvan de referent een houder verblijfstatus asiel is. De gezinsleden hebben immers allemaal recht op opvang en huisvesting.

Daarom geldt ook voor hen de maatregel.

Zijn er uitzonderingen op deze maatregel?

Ja, voor sommige situaties geldt een uitzondering. Op die zaken is de maatregel niet van toepassing.

– Bij een medische noodsituatie van de referent of gezinsleden die via de spoedprocedure worden behandeld.

– Minderjarige kinderen die alleen (zonder ouder of verzorger) achterblijven in het land van herkomst of derde land.

– Amv’s die in een schrijnende situatie verkeren waar Stichting Nidos aandacht voor vraagt.

PASPOORTEN VAN VENEZUELA

Informatiebericht SUA/IND

Geldig vanaf 23-11-2020
Geldig tot en met 23-10-2022,

  1. Aanleiding
    De IND heeft signalen gekregen uit de binnen- en buitenlandse pers alsook van Venezolaanse burgers hier te lande dat het voor Venezolaanse burgers zeer moeilijk kan zijn om een paspoort te krijgen of te verlengen. Dit heeft te maken met een tekort aan grondstoffen en materialen als gevolg van de situatie in Venezuela.
    Enige tijd geleden heeft er een overleg plaatsgevonden tussen het Ministerie van Buitenlandse Zaken en de Venezolaanse ambassade in Den Haag. De problemen met de afgifte van Venezolaanse paspoorten en verlenging van de Venezolaanse paspoorten worden onderkend door de Venezolaanse ambassade en er is op korte termijn GEEN oplossing.
  2. Tijdelijke verlenging van verlopen paspoorten of paspoorten die binnen zes maanden verlopen
    Op 8 oktober 2017 heeft de regering van Venezuela een decreet uitgevaardigd waarmee verlopen Venezolaanse paspoorten, of paspoorten die binnen zes maanden vervallen, met twee jaren kunnen worden verlengd. De verlenging van de geldigheidsduur bestaat uit een sticker die in het paspoort is geplaatst met daarop de foto van de houder en de vermelding van de persoonsgegevens. De sticker is voorzien van beveiligingskenmerken. De verlenging van de geldigheidsduur door middel van een sticker is alleen van toepassing op biometrische paspoorten. Het paspoort moet verder in goede staat verkeren en moet minimaal twee blanco vellen of vier blanco pagina’s bevatten.
  3. Om een verlenging van de geldigheid aan te vragen, moet de houder een aanvraag indienen via de SAIME-website (www.saime.gob.ve). Het online aanvraagformulier moet worden ingevuld, de leges moeten worden betaald en het ontvangstbewijs moet worden afgedrukt.
    Om verlenging van de geldigheid van het paspoort via het consulaat te kunnen verkrijgen, moeten aanvragers vervolgens bij het consulaat de volgende documenten overleggen:
  • Het origineel en een kopie van het paspoort;
  • Het origineel en een kopie van de nationale identiteitskaart;
  • Het bewijs van inschrijving bij het consulaat.
    Aanvragers onder de 18 jaar moeten daarnaast door beide ouders worden begeleid

Als een van de ouders niet aanwezig is, moet de begeleidende ouder een machtiging van de afwezige ouder overleggen. Deze machtiging moet afgegeven zijn door de Raad voor de bescherming van kinderen en adolescenten (Consejo de Protección del Niño, Niña y Adolescente) in Venezuela, of voorzien zijn van een legalisatie (Apostille) als de ouder zich buiten Venezuela bevindt. Bovendien moeten minderjarige aanvragers die ouder zijn dan 9 jaar, ook het origineel van zijn of haar nationale identiteitskaart overleggen.
Hieronder wordt uiteengezet hoe het paspoortvereiste, gezien de hiervoor beschreven omstandigheden, in Venezolaanse zaken moet worden toegepast.

Hoe te handelen:
Afname biometrische gegevens en ophalen verblijfsdocument
Venezolaanse onderdanen die niet meer beschikken over een geldig nationaal paspoort en evenmin beschikken over een geldig verblijfsdocument, kunnen zich voor het ophalen van een verblijfspas of afname biometrische gegevens bij het loket legitimeren met hun verlopen paspoort en een kopie van de (verlengings)aanvraag van hun paspoort.

Verlengingsaanvragen en aanvragen wijziging beperking:
Bij verlengingsaanvragen en aanvragen wijziging beperking kan het paspoortvereiste tijdelijk niet worden tegengeworpen wanneer voldaan wordt aan alle volgende omstandigheden:

  • Het verlopen paspoort is overgelegd;
  • Een kopie van de (verlengings)aanvraag van zijn/haar paspoort is overgelegd;
  • Hij/zij aan alle overige voorwaarden voor de verblijfsvergunning voldoet.
    In de beschikking/ aanbiedingsbrief van de inwilliging moet worden opgenomen dat aan betrokkene tijdelijk het paspoortvereiste niet wordt tegengeworpen, maar dat bij de eerstvolgende aanvraag om verlenging van de vergunning (of wijziging van een beperking) een geldig nationaal paspoort wordt verlangd.
  • Eerste aanvragen om een verblijfsvergunning
    Bij eerste aanvragen geldt het paspoortvereiste onverminderd.

Aanpassing beleid derdelanders

Het beleid omtrent derdelanders uit Oekraïne is aangescherpt. Dit is een aanvullende instructie voor derdelanders uit Oekraïne, die geen permanente verblijfsvergunning in Oekraïne hebben

Derdelanders met een tijdelijke verblijfsvergunning (niet zijnde een tijdelijke vergunning internationale of nationale bescherming, dit zijn asielvergunningen) vallen per 19 juli 2022 niet meer onder de richtlijn tijdelijke bescherming en hebben dus niet langer recht op opvang en voorzieningen in Nederland. Vanaf 19 juli mogen deze derdelanders niet meer ingeschreven worden in de BRP. Zij moeten Nederland verlaten.

Derdelanders met een tijdelijke verblijfsvergunning die vóór 19 juli al ingeschreven waren in de BRP behouden hun tijdelijke bescherming tot 4 maart 2023.

Derdelanders die gezinslid zijn van een Oekraïner of derdelander die een permanente verblijfsvergunning of een tijdelijke vergunning internationale of nationale bescherming hebben, kunnen wel ingeschreven worden. Het gaat dan om de huwelijkspartner of het minderjarige kind.

Dit geldt ook voor andere naaste familieleden die met het gezin samenwoonden en die volledig of grotendeels afhankelijk zijn. Dit laatste is voor Burgerzaken moeilijk te beoordelen. Daarom is het advies ‘niet inschrijven’, maar wel deze mensen aanmelden bij de veiligheidsregio, zodat vervolgens triage door de IND kan plaatsvinden.

Vergunningen voor internationale of nationale bescherming kunnen ook tijdelijke vergunningen zijn. Daar is de aanscherping van het beleid niet op van toepassing.

Herkenning derdelanders die niet meer ingeschreven kunnen worden

Derdelanders kunnen in het bezit van een vergunning waar op staat dat deze tijdelijk permanent is. Tijdelijk permanent geeft aan dat de vergunning tijdelijk is maar de rechten gelijk zijn aan die van een permanente vergunning. Deze worden in dit kader aangemerkt als tijdelijke vergunningen. Voorbeelden zijn terug te vinden in DISCS.

Derdelanders met een tijdelijke verblijfsvergunning gaat veelal om studentenvergunningen. Dit zijn visa en vergunningen (creditcard formaat) voor tijdelijk doel, meestal studie. De voorbeelden zijn terug te vinden in DISCS.

Werkinstructie derdelanders die niet ingeschreven kunnen worden

Voor derdelanders met een tijdelijke verblijfsvergunning in Oekraïne blijft de aangifte voor inschrijving in de BRP dus achterwege.

De derdelander moet Nederland verlaten. Hij/zij kan daarbij geholpen worden door de Dienst Terugkeer en Vertrek of door International Organization for Migration (IOM)

Hij/zij kan zelf contact opnemen met DT&V via ilc@dtv.minjenv.nl of met IOM telnr: 08874644666.

Indien de derdelander aangeeft in Oekraïne een aanvraag om (inter)nationale bescherming te hebben ingediend waar nog geen beslissing op is gekomen, valt deze persoon niet onder de richtlijn. Ook dan blijft aangifte achterwege. Deze persoon kan worden verwezen naar Ter Apel voor het indienen van een asielaanvraag naar Nederlands recht. Neem contact op met de IND hierover. De IND meldt deze persoon aan bij het Aanmeldcentrum.

Deze instructie is tot stand gekomen in samenwerking met de IND, VNG, NVVB en de ministeries van BZK en J&V.

Bron: NVVB 20-7-2022

LANGE, Lange wachttijden bij de IND…

2022Z10876

(ingezonden 1 juni 2022)

Vragen van het lid Podt (D66) aan de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid over lange wachttijden bij de IND.

Klopt het dat vreemdelingen, voordat een nieuw verblijfsdocument kan worden aangemaakt, opnieuw biometrie moeten laten afnemen bij een IND-loket bij iedere verlenging of wijziging van hun verblijfsrecht – zelfs als er heel recent biometrie is afgenomen? Zo ja, waarom is dit bij elke verlenging of wijziging noodzakelijk?
 
Deelt u de mening dat onnodige handelingen zoveel mogelijk voorkomen moeten worden, zeker gezien de beperkte capaciteit van de IND?
 
Bent u bekend met de huidige wachttijd van ruim twee maanden voor het laten afnemen van biometrie?
 
Bent u ermee bekend dat vreemdelingen ook bij een verblijfsaantekening of terugkeervisum te maken krijgen met lange wachttijden? En dat deze wachttijden dusdanig kunnen oplopen dat vreemdelingen niet meer kunnen reizen en/of geldig te werk kunnen worden gesteld wegens het verstrijken van de geldigheidsduur hiervan?
 
Klopt het dat deze vreemdelingen vervolgens ruim een maand moeten wachten totdat zij hun pasje kunnen ophalen? Waarom kunnen deze pasjes niet worden bezorgd zodat deze extra wachttijd kan worden voorkomen?
 
Waarom is ervoor gekozen het IND-loket in Rotterdam per 25 mei 2022 te sluiten terwijl de capaciteit al vanaf 2020 ernstig onder druk staat? Op welke manier wordt de sluiting van dit loket opgevangen zodat de wachttijden niet nog verder oplopen?
 
Erkent u dat met het sluiten van het IND-loket in een grote stad als Rotterdam ook een belangrijke adviesmogelijkheid komt te vervallen, met name voor mensen die niet vaardig zijn in het gebruik van de telefoon en daarom afhankelijk zijn van een fysiek loket? Hoe wordt dit gat opgevuld?
 
Bent u ermee bekend dat ook het opvragen van telefonisch advies, voor degenen die hier vaardig genoeg voor zijn, om veel geduld vraagt omdat ook de wachttijden bij de informatielijn enorm hoog zijn?
 
Is bij u bekend of er al vreemdelingen in de problemen zijn gekomen doordat zij, wegens de lange wachttijden, niet op tijd hun biometrie hebben kunnen laten afnemen? Bijvoorbeeld omdat zij worden weggestuurd van het werk omdat ze geen geldig pasje hebben, of problemen ervaren met reizen? Kunt u deze informatie met de Kamer delen?
 

Welke plannen maakt u om de problemen zoals beschreven in de vorige vraag op te lossen?
 
Deelt u de mening dat dit slechts enkele problemen zijn die voortkomen uit capaciteitsgebrek bij de IND en dat ook veel anderen, zoals kennismigranten of asielzoekers die wachten op de start van hun procedure, vastzitten door de lange wachttijden, zie bijvoorbeeld de oproep van de asielzoekers in Assen? Hoe groot is het capaciteitstekort momenteel en heeft u al een verwachting over wanneer verbetering zichtbaar zal zijn?
 

Kunt u deze vragen beantwoorden voor het commissiedebat over vreemdelingen- en asielbeleid op 22 juni?

Children can now apply for a waiver of citizenship fees

Families who can’t afford British citizenship for their children can now get it for free. A new “citizenship fee waiver for individuals under 18” policy was published today. It allows under-18s to apply to have the £1,012 fee on applications for registration as a British citizen waived. The policy applies where the fee is unaffordable because paying it would compromise the child’s essential living needs, although lots of supporting evidence is required.

In February this year, the Supreme Court found that the government was entitled to set the child citizenship fee at a level it chooses, even if unaffordable. The silver lining for campaigners was that the ruling left undisturbed the lower courts’ finding that the government had failed to take the best interests of children into account when setting the fee. The Home Office was still required to review the fee in light of that statutory duty, even if there was no particular hope that it would lead to major reform.

But major reform we have. The only previous example of a fee waiver in citizenship cases that we can think of is in highly niche paternity cases, where the child hasn’t inherited British citizenship from their father because their mother is still married to someone else. This is much wider: the waiver can be requested by anyone under 18 who wants to use any of the main routes to registration as British, including where they have lived in the UK for ten continuous years or one of their parents has settled or become British.

The test for when a fee waiver will be granted is “affordability”: the child and (more to the point) their parent(s) can show that they “cannot afford the fee”. The guidance goes on to define what this means:

Affordability definition:

The applicant and parent(s) are considered unable to pay the fee when they do not have sufficient funds at their disposal to pay the required fee after meeting their essential living needs, and continuing to meet any other child’s essential needs, such as housing and food. This is the primary assessment for whether a fee waiver should be granted.

Essential living needs include:

housing or accommodation, utilities, food, clothing, toiletries, non-prescription medication, and household cleaning items [and] the costs of travel and communication to enable the supported persons to maintain interpersonal relationships and access a reasonable level of social, cultural and religious life.

(…)

Bron: Freemovement dd. 30-5-2022,

(waiver = ‘vrijstelling’)

Keuzemogelijkheid voor nieuwkomers na verkeerde kennisgeving inburgeringsplicht

Nieuwsbericht | 24-05-2022 | 12:19

Het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) heeft een oplossing gevonden voor de nieuwkomers die in januari ten onrechte een brief hadden ontvangen dat ze onder de Wet inburgering (Wi)2021 moesten inburgeren. Zij mogen kiezen onder welke wet ze willen inburgeren: de Wi2021 of de oude wet uit 2013.

Op 1 januari is de nieuwe inburgeringswet in werking getreden. Sommige nieuwkomers moeten echter nog inburgeren onder de oude wet uit 2013. Dit hangt af van de datum waarop zij inburgeringsplichtig worden. Vlak na de invoering van het nieuwe inburgeringstelsel bleek dat verschillende nieuwkomers ten onrechte een kennisgeving hadden ontvangen dat zij onder de Wi2021 moesten inburgeren. Zij hadden onder de wet uit 2013 moeten vallen. Op verzoek van de minister had DUO daarom het inburgeringsproces tijdelijk stilgelegd. In maart is het proces hervat voor nieuwkomers die moeten inburgeren onder de Wi2021 en op 23 mei voor nieuwkomers onder de Wi2013.

De  inburgeraars die in januari een verkeerde kennisgeving hadden ontvangen, mogen kiezen onder welke wet zij gaan inburgeren. De verwachting is dat asielstatushouders het liefst willen inburgeren onder de Wi2021. Daarom worden zij onder de Wi2021 geplaatst. Onder dat regime krijgen zij begeleiding en een inburgeringsaanbod van de gemeente. De asielstatushouders kunnen er ook voor kiezen onder de wet uit 2013 in te burgeren. Dat kunnen ze kenbaar maken in een verklaring of tijdens de brede intake bij de gemeente.

Gezinsmigranten en overige migranten worden onder de Wi2013 geplaatst. Verwacht wordt dat zij liever onder deze wet willen inburgeren. Onder die wet is het taalniveau van het examen lager dan onder de Wi2021. Willen zij toch liever onder de Wi2021 inburgeren, dan kunnen ze dat via een verklaring aangeven binnen een termijn van acht weken.

Al deze inburgeraars krijgen rond 1 juni een brief van DUO met uitleg van de verschillen tussen beide wetten. Voor meer informatie kunnen zij contact opnemen met de klantenservice van DUO. Gemeenten kunnen tijdens de brede intake de asielstatushouders extra uitleg geven over deze verschillen.

Meer informatie over de complicatie in de uitvoering van de nieuwe wet op Rijksoverheid. nl en op de  website van Divosa.

Heeft deze informatie u geholpen? Nou….